FTO-modules
Bij de introductie van een nieuw project is het een gewoonte van de PFG een FTO-module te ontwikkelen. Het is een mooie gelegenheid om aan de hand van het project aandacht te geven aan PFG richtlijnen. Veel FTO’s in Groningen maken gebruik van die mogelijkheid.
In de loop der jaren hebben we verschillende interessante onderwerpen uitgewerkt. Misschien is het voor uw FTO groep interessant om één van die modules nu te behandelen. De meest recent gepresenteerde module is die over Hypertensie.
1. Hypertensie.
Sinds het voorjaar van 2011 is beschikbaar de FTO-module 'Hypertensie, neem het niet met een korreltje zout'. Deze module gaat over essentiële hypertensie zonder comorbiditeiten. De inhoud van de module is gebaseerd op de PFG richtlijn Hypertensie versie 4.0 vastgesteld 27 januari 2011.
2. Migraine.
De FTO-module migraine is tot stand gekomen in het najaar van 2009. De PFG richtlijn ‘Migraine’, de FTO module ‘Migraine’ van DGV en de NHG standaard ‘Hoofdpijn’ vormen de basis van deze module.
Tijdens het FTO worden de kernpunten van de PFG richtlijn migraine besproken: de stapsgewijze behandeling van migraine, wanneer te starten met de profylaxe en de bekendheid van het voorkeursmiddel.
Dit wordt gedaan aan de hand van een casus.
Op basis van voorschrijfgegevens van de eigen FTO groep krijgen de deelnemers inzicht in hun eigen voorschrijfgedrag. Naar aanleiding daarvan kunnen afspraken gemaakt worden over het medicamenteuze beleid. Er zijn 7 afspraken geformuleerd die hiervoor als voorbeeld kunnen dienen.
Het stellen van de juiste diagnose is essentieel voor de behandeling. De verschillende vormen van hoofdpijn vergen een specifieke aanpak. Het uitgangspunt bij het opstellen van de bovenstaande doelstellingen is dat de diagnose migraine al gesteld is.
3. Bijwerkingen
Werking en bijwerkingen van geneesmiddelen zijn nauw met elkaar verbonden. Het optreden van bijwerkingen kan voor een patiënt de reden zijn om met zijn/ haar medicatie te stoppen of niet volgens het voorschrift te gebruiken. De kans op bijwerkingen is daarom één van de factoren die een rol speelt bij het voorschrijven van een geneesmiddel. Om tot een goede keuze te kunnen komen is kennis over bijwerkingen, risicogroepen en risicofactoren belangrijk. Ook van belang voor het verdere verloop van de therapie is het tijdig herkennen van de bijwerkingen en het beleid daarna.
De bovengenoemde aspecten waren voor de PFG reden om deze module te ontwikkelen. De module ‘Bijwerkingen’ biedt handvaten of suggesties hoe met de bijwerkingen in uw praktijk om te gaan. Deze module dient als een aftrap om binnen uw FTO groep afspraken te maken over het beleid rondom de bijwerkingen: wie informeert de patiënt over de mogelijke bijwerkingen, wie wordt geïnformeerd wanneer er sprake is van een bijwerking, hoe en waar worden de bijwerkingen vastgelegd, wie doet de melding bij Lareb (Nederlands Bijwerkingen Centrum, Landelijke Registratie en Evaluatie Bijwerkingen)?
De doelstellingen van deze module zijn:
- De deelnemers hebben kennis van de theorie achter de bijwerkingen.
- De deelnemers kennen het belang van herkennen en melden van bijwerkingen.
- De deelnemers hebben inzicht in het huidige voorlichtingsbeleid rondom bijwerkingen binnen de huisartsenpraktijk en de apotheek.
- De deelnemers maken afspraken over wie, wanneer, welke voorlichting over bijwerkingen geeft.
- De deelnemers maken afspraken over het melden van bijwerkingen.
4. Het rode oog.
Een vernieuwde vorm op het FTO: Dia’s leiden u door de diagnoses van het rode oog. Wél of geen antibiotische druppel, wél of geen kunsttranen: de diverse afwegingen worden op een overzichtelijke wijze gepresenteerd.
5. Licht op jicht.
Jicht blijkt niet altijd zo typisch als u misschien dacht. In zijn acute vorm hebt u uw keuze wellicht paraat, maar is die ook up-to-date? En hoe pakt u de gecompliceerde c.q. chronische vorm van dit ziektebeeld aan? De herziene richtlijn van de FG is in deze module uitgewerkt tot duidelijke adviezen.
6. ‘Polyfarmacie bij diabetes mellitus en hartvaatziekten’.
U beoordeelt het medicatiegebruik van complexe patiënten, die te maken hebben met polymorbiditeit en polyfarmacie. Het doel is niet om alleen maar medicatie te schrappen, maar ook om ook het welbevinden van de individuele patiënt mee te wegen bij het opstellen van het farmacotherapeutische behandelplan. Er wordt een structurele manier geboden om deze patiënten te bespreken.
7. FTTO hyperlipidemie en cardiovasculair risicomanagement
Deze module maakt voor het CVRM gebruik van de PFG richtlijnen. Met een cardioloog uit de regio worden door u geselecteerde statinegebruikers besproken. Aan de hand van de PFG-richtlijn en een stroomschema beoordeelt u de risicofactoren van de individuele patiënten. Er wordt afgesproken welk beleid in de behandeling met statines bij de patiënt de voorkeur heeft en of een aanpassing aan de orde is.
8. Module ‘Mevrouw wervelt’
De osteoporose-module geeft o.a. aandacht de aan correcte farmacotherapie bij osteoporose, het bevorderen van gebruik van bisfosfonaten bij chronisch corticosteroïdgebruikers en het stoppen met bisfosfonaten na 5 jaar gebruik.
9. ‘Antidepressiva’
Vele nieuwe aspecten en inzichten worden belicht in een originele FTO module. Speciale aandacht is er voor de diagnosestelling en het beoordelen van de farmacotherapie van patiënten die langdurig antidepressiva gebruiken.
10. Maagprotectie en NSAID’s
In deze module wordt aandacht gevraagd voor maag-/darmklachten en nierschade bij gebruik van NSAID’s zoals benoemd in de richtlijnen Pijn, Jicht, Artrose en Reuma van de PFG. Bij gebruik van NSAID’s is aandacht voor bepaalde risicofactoren van belang om vast te stellen of maagprotectie aan de orde is.
11. Dokter mag ik een kuurtje?
Sinds voorjaar 2008 is de FTO-module: Antibioticabeleid bij urineweginfecties en Astma/COPD beschikbaar. De module informeert u over uw voorschrijfbeleid bij deze indicaties. Een handige kaart geeft u een overzicht over de te maken medicamenteuze keuzes op beide terreinen. Spiegelinformatie van uw groep completeert deze aantrekkelijke nascholing.
Spiegelinformatie
In de FTO modules wordt gebruik gemaakt van spiegelinformatie: er worden cijfers uit de provincie Groningen gepresenteerd. Naar wens kunnen er ook voorschrijfcijfers van uw eigen FTO-groep gepresenteerd worden. Nieuw is de mogelijkheid om dezelfde overzichten na een half jaar nog eens te maken. Zo kunt u de resultaten van projecten in uw eigen groep volgen.
Modules opvragen?
Als u geïnteresseerd bent in een van de FTO modules van de PFG kunt u contact opnemen met de afdeling implementatie van de PFG. Eén van de artsen of apothekers komt graag langs om de module met u voor te bereiden of om de module te begeleiden.
Algemene scholing en onderwijs
De PFG kan op verschillende manieren een rol spelen binnen en buiten uw FTO. Een algemene PFG -presentatie of (na)scholing over een specifiek onderwerp aan een specifieke doelgroep behoort tot de mogelijkheden. De PFG verzorgt vooral nascholing voor huisartsen en apothekers, maar heeft ook veel ervaring in het geven van scholing of onderwijs aan dokters- en apothekersassistenten, praktijkondersteuners, nurse-practitioners, in ziekenhuizen en aan de huisartsen- en apothekersopleidingen. Met uw vragen kunt u bij ons terecht.